<
 

                                                                

                          
                        Klik hier om naar index droomvissen te gaan

Sneep/Chondrostoma nasus/neusvoorn    
 

     
 

Grootste vis gevonden op internet/Eigen vangsten

 
3.4 kg/60cm Rhine rivier Duitsland  Dieter Lindemann.

Max. lengte/gewicht: Rond de 50cm/1.5 kg met zeldzame uitzonderingen daar flink boven.
Leefgebied/gedrag: Leeft in de barbeelzone en prefereert dieper water boven zand of stenen met een behoorlijke stroming.
Sneep wordt gekenmerkt door een brede, stompe, naar voren stekende snuit met een onderstandige bek. Sneep vertoont enige gelijkenis met serpeling waarbij de duidelijke vlezige snuit ontbreekt.
De onderlip van de sneep heeft een hoornlaag waarmee algen van stenen gegraasd kunnen worden.
In mindere mate wordt ook wel dierlijk voedsel gegeten. Daardoor is het ook een vrij moeilijke vis om te vangen.
De soort is als gevolg van watervervuiling en riviernormalisaties sterk achteruitgegaan in de loop van de 20e eeuw. Sneep staat op de Rode Lijst aangemerkt als 'bedreigd'.
Vistechniek:
Wegens hun voedingspatroon zijn snepen echt moeilijk te vangen vissen.
Je kan ze vangen aan de vliegenhengel met een nimf of natte vlieg en door statisch op de bodem te vissen. In beide gevallen is de vangst van een of meerdere snepen dan een toevalstreffer.
Weet je echter snepen te spotten of ken je gewoon een plaats waar ze geregeld opduiken dan wordt het anders. Al moet je ook dan nog rekening houden met de vangst van kopvoorn en barbeel. Maar ik denk niet dat je daar als vissers echt ontevreden mee kan zijn.
Een van de beste technieken is dan de hierna volgende.
Ga nu niet onmiddellijk op die plaats je lijn uitwerpen. Hiermee minimaliseer je de kans dat je meerdere snepen vangt. Het best is om een positie een goede tiental meter stroomopwaarts uit te kiezen en door voeren de snepen geleidelijk aan naar die strook toe te lokken. Een goed lokvoer is een combinatie van partikels en het aas waarmee je van plan bent te vissen.
Dit kunnen maden of pellets zijn. Aas zoals kokerjuffers is wel natuurlijker maar daar kom je nu eenmaal niet in grote hoeveelheden aan.
In het begin bouw je de stek op met wat ruim in het driftspoor gestrooid lokaas. Daarna voer je geregeld minieme hoeveelheden bij. Opgepast dit is zeer belangrijk, doe het zeker bij elke drift. Alleen dat houd de vissen actief aan het azen op je driftspoor.
Reken voor een dag vissen op zo'n 2/3 kg partikels, 2 zakken pellets en daarbij nog eens 1.5 liter maden. Voer ook na het eerste aanazen steeds stroomopwaarts van je drifspoor zodat alles reeds over de bodem huppelt in je driftspoor zelf.
Vissen doe je met een dobber en het aas op of juist boven de bodem slepend. Een montage met een stick of avon dobber is hiervoor ideaal. Verschillende van die montages kan je terugvinden bij
"basistechnieken-lijnmontages-mathhengel"  
De zwaarte van de dobber pas je aan volgens de stroming. Meestal is bij geringe diepte 1.5 gram ruim voldoende. Het lood kan je over de volledige lengte verdelen zodat het aas natuurlijk beweegt, of je concentreert het zwaarste gewicht naar de haak toe waardoor het aas directer bij de bodem beland.
Het loodje het dichtst bij de haak komt op ongeveer 20cm, maar kan je eventueel iets verschuiven indien nodig. Als lijndikte neem je 14 tot 18/00 nylon, eventueel met een onderlijn. Deze kan je gemakkelijker vervangen indien je vastraakt.
Als hengel heb je de keuze uit een bolognese of matchhengel. Een match dobber karperhengel kan ook en gebruik ik persoonlijk het liefst.
Nu is het de kunst je haakaas netjes over de bodem te laten driften, waarbij je zo nu en dan de dobber iets tegen houd om het aas voor de dobber uit te laten drijven.
Doe dit voorzichtig, anders komt het aas gewoon van de bodem omhoog en buiten het aasgebied van de snepen. Nog een goede tip is dat je voor je begint te vissen je lijn goed invet waardoor ze op het oppervlak blijft drijven. Het driften zelf gaat er veel gemakkelijker door en nog belangrijker is dat bij een aanbeet en de aanslag je bijna onmiddellijk contact maakt met de vis. Dit zonder eerst de lijn uit het water te moeten slaan omdat deze afgezonken is.
Met wat geduld zie je weldra de eerste schimmen in het verlengde van je hengel opduiken en blijft een aanbeet niet lang meer uit.
En hopelijk is die eerste vis dan ook nog een sneep, al mag je ook met deze methode niet rekenen op massale vangsten van sneep.
Eigen vangsten: Ardennen belgie, met de vliegenhengel of dobbervissen. (foto2)   
Copyright 2006 Noyelle Frans. Alle rechten voorbehouden.